Vakoverschrijdend project:  Satellieten

Klik hier voor een foto-impressie van het project voor het lopende schooljaar.

 

 

welke leerlingen ?                                     welke vakken ?

Alle 6de jaarsleerlingen                               aardrijkskunde -  wiskunde - fysica

chemie - natuurwetenschappen

Projectbeschrijving

Na een inleidende CD-Rom ivm satellieten (ESA) werken de leerlingen in groepjes van 3 à 4 aan één (of meerdere) thema-onderwerpen.  Voor elk themagroepje is de opdracht dubbel: enerzijds een theoretische opdracht (opzoekwerk, tekstverwerking) en anderzijds een praktische opdracht (reken-, interpretatie-  en verwerkingsopdrachten, met rekenmachine en computer!)

Themagroep

1. Satellietnavigatie (GPS)

2. Teledetectie: De zondvloed in kaart gebracht

3. Teledetectie: Weersatellieten, verplaatsingsnelheid cycloon

4. Teledetectie: Case Study Rondonia (ontbossingsproblematiek 

    Amazonewoud aan de hand van een computerprogramma)

5. Teledetectie: wetenschappelijke toepassingen (o.a.. ivm fotosynthe-

    se, vegetatieindex, ozon) 

6. Satellieten in een baan rond de aarde: periode, snelheid, lancering

7. Satellieten: brandstof en ruimteafval

 

Hoe werken ?   →    ingeroosterd in lessenrooster

De betrokken vakken (of een selectie hiervan) worden in het lessenrooster na elkaar geplaatst zodat alle zesdejaarsleerlingen gedurende een 6 à 8-tal uur werken in één van de themagroep. (Enkele vakleerkrachten zullen zal zo enkele lesuren investeren in dit project). Leerlingen werken in themagroepjes samen naargelang de studierichting en/of de persoonlijke interesse.  Vermits er richtingspecifieke vakken bij betrokken zijn, zullen sommige leerlingen geen of minder keuzes kunnen maken.

 

Uitwerking

Deze 7 themaprojecten werden telkens uitgewerkt door één of meerdere leerkrachten.  Uiteraard bepaalt het thema welke leerkrachten hiervoor in aanmerking komen en waar de accenten liggen bij de informatieverwerking en berekeningen. 

Welke vakken/vakleerkrachten betrokken bij welk thema ?

         1. Satellietnavigatie (GPS): (wiskunde)

         2. Teledetectie: de zondvloed in kaart gebracht:

              (aardrijkskunde /fysica)

         3. Teledetectie: weersatellieten, verplaatsingssnelheid van een

             cycloon.   (aardrijkskunde, wiskunde, fysica)

         4. Teledetectie: Case Study Rondonia:  (aardrijkskunde, informatica)

    (Syllabus Remote Sensing met LEOWorks: programma voor

     beeldbewerking van satellietbeelden op

     http://www.eduspace.esa.int/ )

5. Teledetectie: wetenschappelijke toepassingen. (aardrijkskunde,

     fysica, chemie, biologie)

6. Satellieten in een baan rond de aarde: (fysica)

7. Satellieten brandstof en ruimteafval: (chemie, fysica)

 

Er werd hierbij dankbaar gebruik gemaakt van:

·        al het materiaal dat door ESA ter beschikking gesteld werd  (http://www.eduspace.esa.int/)

·        de map ‘Aardobservatie in de klas’ uitgegeven door het Federaal Wetenschapsbeleid (http://telsat.belspo.be/beo/classroom.htm)

·        opgaven uit  http://www.natuurkunde.nl/artikelen/

·        vakinhouden vanuit de verschillende deelnemende vakken

·        eigen onderzoekswerk op het net

 

Evaluatie van de leerlingen

Beoordeling op:

(1)   de theoretische opdracht: inhoud  (volledigheid en juistheid)

(2)   de verwerkingsopdrachten en het rekengedeelte

(3)   de wijze waarop je gefunctioneerd hebt in het project.

Daarvoor wordt gebruik gemaakt van een attitudielijst die ingevuld wordt op het einde van het project door de leerling zelf, de groeps-leden en de leerkrachten.

 

Doelstellingen van dit project

VAKOVERSCHRIJDENDE EINDTERMEN

Leren leren

De leerlingen

1 kunnen communiceren over de samenhang tussen hun leeropvattingen, leermotieven en leerstijl

2 kennen verschillende leerstijlen en zijn bereid hun leerstijl zonodig aan te passen met het oog op te bereiken doelen

3 kunnen diverse informatiebronnen en –kanalen kritisch selecteren en raadplegen met het oog op te bereiken doelen

4 kunnen zelfstandig informatie kritisch analyseren en synthetiseren

6 kunnen verwerkte informatie functioneel toepassen in verschillende situaties

8 de gekozen oplossingswijze en de oplossing evalueren

9 kunnen een onderzoek voorbereiden, uitvoeren en de resultaten verwerken

10 kunnen een realistische werk- en tijdsplanning op langere termijn maken

11 kunnen hun leerproces sturen, beoordelen op doelgerichtheid en zonodig

aanpassen

15 kunnen communiceren over hun eigen interesses, capaciteiten en waarden

16 kunnen een positief zelfbeeld ontwikkelen op basis van betrouwbare gegevens en daarover communiceren

 

Milieueducatie

De leerlingen zijn vertrouwd met de problematiek van ruimte-afval

 

Opvoeden tot burgerzin

De leerlingen

15 kunnen de complexiteit van internationale samenwerking toelichten aan de hand van de concepten onderlinge afhankelijkheid, beelden en beeldvorming, sociale rechtvaardigheid, conflict en conflicthantering, verandering en toekomst.

 

Sociale vaardigheden

De leerlingen

4 communiceren doelgericht, bijvoorbeeld:

         toetsen elkaars interpretatie en stemmen die zo nodig op elkaar af

         brengen de eigen gevoelens en gedachten tot uiting

6 helpen mee aan het formuleren en realiseren van groepsdoelstellingen door bijvoorbeeld:
- te overleggen en afspraken te maken,

- taken en functies te verdelen,

- bij te dragen aan een goed functioneren van de groep als groep

10 engageren zich om een eigen verantwoordelijkheid op te nemen

13 hanteren conflicten door de eigen belangen te behartigen zonder hierbij de belangen, motivaties en emoties van anderen uit het oog te verliezen

14 zijn bij conflicten bereid naar anderen te luisteren, hen de kans te geven zich uit te drukken, hen te respecteren, hun emotionele grenzen te respecteren, te overleggen.

 

GEMEENSCHAPPELIJKE EINDTERMEN voor wetenschappen

(natuurwetenschappen of fysica en/of chemie en/of biologie – ASO)

Onderzoekend leren/leren onderzoeken

Met betrekking tot een concreet wetenschappelijk of toegepast wetenschappelijk probleem, vraagstelling of fenomeen kunnen de leerlingen

1 relevante parameters of gegevens aangeven, hierover informatie opzoeken en deze oordeelkundig aanwenden

4 ideeën en informatie verzamelen om een hypothese (bewering, verwachting) te testen en te illustreren

6 aangeven welke factoren een rol kunnen spelen en hoe ze kunnen worden onderzocht

11 waarnemings- en andere gegevens mondeling en schriftelijk verwoorden en weergeven in tabellen, grafieken, schema’s of formules

12 alleen of in groep, een opdracht uitvoeren en er een verslag over uitbrengen.

 

Wetenschap en samenleving

De leerlingen kunnen met betrekking tot de vakinhoudelijke eindtermen

15 de wisselwerking tussen de natuurwetenschappen, de technologische ontwikkeling en de leefomstandigheden van de mens met een voorbeeld illustreren.

16 een voorbeeld geven van positieve en nadelige (neven)effecten van natuurwetenschappelijke toepassingen

17 met een voorbeeld ecologische gevolgen van natuurwetenschappelijke toepassingen illustreren

18 met een voorbeeld illustreren dat economische en ecologische belangen de ontwikkeling van de natuurwetenschappen kunnen richten, bevorderen of vertragen

 

Attitudes

De leerlingen

22 zijn gemotiveerd om een eigen mening te verwoorden

23 houden rekening met de mening van anderen

24 zijn bereid om resultaten van zelfstandige opdrachten objectief voor te stellen

25 zijn bereid om samen te werken

27 beoordelen eigen werk en werk van anderen kritisch en objectief

28 trekken conclusies die ze kunnen verantwoorden

29 hebben aandacht voor het correct en nauwkeurig gebruik van wetenschappelijke terminologie, symbolen, eenheden en data

31 houden zich aan de instructies en voorschriften bij het uitvoeren van opdrachten.

 

VAKGEBONDEN EINDTERMEN

Biologie

De leerlingen kunnen

B3 een kritisch oordeel formuleren over de wisselwerking tussen biologische en maatschappelijke ontwikkelingen

B6 informatie of gedrukte en elektronische dragers opzoeken, raadplegen en zelfstandig verwerken

Chemie

De leerlingen kunnen

C5 chemische informatie in gedrukte bronnen en langs elektronische weg systematisch opzoeken

C6 het belang van chemische kennis in verschillende opleidingen illustreren

C12 in een gegeven redoxevenwicht de betrokken deeltjes, op basis van de elektronenoverdracht, identificeren als oxidator of als reductor

C14 voor een aflopende reactie, waarvan de reactievergelijking gegeven is, en op basis van gegeven stofhoeveelheden of massa’s, de stofhoeveelheden en massa’s bij de eindsituatie berekenen.

Fysica

De leerlingen kunnen

F1 formules toepassen en grootheden benoemen

F3 met voorbeelden uitleggen dat opeenvolgende energieomzettingen de evolutie van een fysisch systeem bepaalt

F4 in concrete toepassingen de grootteorde van fysische grootheden aangeven

F6 fysische informatie in gedrukte bronnen en langs elektronische weg systematisch opzoeken en weergeven in grafieken, diagrammen of tabellen, desgevallend met behulp van ICT

F7 het belang van fysische kennis in verschillende opleidingen en beroepen illustreren.

F8 de beweging van een voorwerp beschrijven in termen van positie, snelheid en versnelling (EVRB,ECB)

F10 de wet van behoud van energie toepassen

F21 de werking van een motor beschrijven

Aardrijkskunde
Kennis

3 met een toepassing van GIS de betekenis ervan voor de samenleving illustreren;

5 met een toepassing uit het ruimteonderzoek het maatschappelijk nut ervan illustreren;

Vaardigheden

16 aardrijkskundige gegevens opzoeken, ordenen en op eenvoudige manier verwerken, gebruik makend van beschikbare, hedendaagse informatiebronnen en –technieken;

18 een standplaats op aarde bepalen door middel van beschikbare, hedendaagse technieken en methodes;
Attitudes

31 de leerlingen zijn zich bewust van de plaats van de mens in het heelal;